Schilders dwalen nooit te ver van hun atelier
6 jun, 2015 Onderdeel van paysagesColumn door Martijn Couwenhoven
Aan het eind van de middag kom ik aan in Giverny. Tegen de gevels van de huizen klimmen blauwe regens omhoog, langs houten vensters en luiken en zinken dakgoten. Bij de kerk stap ik van mijn fiets, neem mijn helm af en giet water uit de bidon over mijn hoofd.
Een dag eerder, op zaterdag, vertrok ik uit Rouen om de Seine naar Parijs te volgen. Iedere dag zo’n vijftig kilometer fietsen, had ik berekend, dan stond ik woensdag onder de Eiffeltoren. Op de fiets wilde ik mijn hoofd op orde brengen. Langs een traject waar de vrijgevochten Impressionisten eind negentiende, begin twintigste eeuw hun sporen hebben achtergelaten, hoopte ik inspiratie terug te vinden. Ik twijfelde aan mijn werk, aan mijn schilderijen en mijn schrijven, en ik stelde mezelf de vraag of ik tussen een van beide moest kiezen. Er ligt een manuscript bij een uitgever, mijn nieuwe schilderijen hangen aan de muren van een galerie in Amsterdam, en dat is mooi, maar ik heb het gevoel te vliegen zonder ergens te landen. Het landschap beneden mij is prachtig, alleen maak ik er geen deel van uit. Dat is gevaarlijk, de brandstof zal op een gegeven moment toch opraken. Wanneer kan ik de landing inzetten? Wanneer sta ik weer op de grond? En wat als dat met lege handen is? Lees verder »







