1

Assemblée du désert

19 sep, 2011 Onderdeel van paysages 

Column door Caspar Visser ’t Hooft

Zo, en nu eens over God. Ik geloof dat God zich aan ons ergert wanneer wij spiritueel doen en maar zeuren over de vraag hoe we het moeten aanleggen om bij hem te komen in zijn hemel. Nee, volgens mij is het andersom : God wil eruit, uit zijn hemel, die hij zo langzamerhand wel kent. Hij heeft zijn bekomst van spiritualiteit. Hij wil bij ons komen. Dat is wat hij wil. Alleen, hij weet niet zo goed waar – waar bij ons, op welke plek ? O nee, zeker niet bij mensen die ruzie maken over de vraag hoe je bij hem komt, door dit te doen, door dat te doen, want hier staat dit geschreven, en daar dat. Hè jakkes nee ! Zeker niet bij mensen die kibbelen en beleid voeren om de zogenaamde kerkverlating tegen te gaan, of die dom-makende peptalk verkopen om chagrijnige, chanterende mensen en jongeren er maar bij te houden (‘Ik kom alleen in de kerk als…’). Ja, en dan kom ik (denkt hij misschien) en dan zul je zien : mijn aanwezigheid valt alleen maar tegen, want echt ! – een vlotte showman of televisiepresentator ben ik niet. Ook niet bij schreeuwende halleluia-roepers in bomvolle stadia. Een keer, toen met Mozes, heeft hij zitten donderen op een berg, maar sindsdien komt hij toch liever bescheiden langs, als een zacht briesje, dat heeft iemand als Elia ervaren. Door al dat geschreeuw en gebrul zou niemand hem nog opmerken. Tja, waar moet hij dan wel komen ? Nee, ook niet – zeker niet bij mensen die 250 jaar na Voltaire nog steeds voor Voltairetje spelen en die zich zulke ongelooflijke helden vinden wanneer ze maar blijven schimpen op dat irritante volkje dat zich de kerk noemt, maar dat toch maar een volkje is waar hij, God, iets mee heeft. Helden op sokken, ja… Goed, maar waar dan wel ? Lees verder »

Het migrerende type

8 sep, 2011 Onderdeel van pensées 

Column door Claire Polders

Reizigers bestaan in alle soorten en maten, maar met een beetje goede wil zijn ze in twee categorieën te verdelen: de idealistische en de verzamelende reizigers.

Idealistische reizigers zijn op zoek naar de perfectie van een ideaalbeeld. Ze zoeken de droomberg, de droomstad, de droomwoestijn en omdat niets met het ideaal samenvalt, raken ze steeds teleurgesteld. Als een idealistische reiziger zou vinden wat hij zocht, zou hij het reizen opgeven en op zijn droomplek blijven.

Verzamelende reizigers zijn op zoek naar de uniciteit van het banale. Ze vergelijken bergen, steden of woestijnen en stellen met genoegen vast dat ze allemaal anders zijn. Verzamelende reizigers kunnen niet teleurgesteld raken, want ze vinden overal wel iets uitzonderlijks. Als verzamelaars van curiosa raken ze nooit uitgereisd. Lees verder »

Wie is hier realistisch?

31 aug, 2011 Onderdeel van pensées 

Column door Caspar Visser ’t Hooft

Wanneer je het cultuurhistorisch beschouwt is ‘realisme’ heel wat anders dan we doorgaans denken. Tot laat in de Middeleeuwen was realisme zelfs het tegenovergestelde van wat we nu vinden dat het is. Onze grote historicus Johan Huizinga beschrijft het realisme als volgt: ‘Het realisme verklaart dat de universalia ante res zijn, dat wil zeggen dat het aan de algemene begrippen wezen en pre-existentie toekent.’ De wijze van de werkelijkheid benaderen die hier pal tegenover staat wordt ‘nominalisme’ genoemd. De universalia zijn post rem – anders gezegd, men kan pas tot algemene begrippen komen wanneer men eerst stuk voor stuk de concrete dingen in het oog heeft gevat. Dit laatste is wat wij nu een ‘realistische’ kijk noemen. We gaan er allemaal min of meer van uit dat deze visie ons van nature eigen is, spontaan voorhanden. Het Middeleeuwse realisme hebben wij verdoemd: vaag gezwets! Aangeleerde onzin! Jammer. Trouwens, mij wil het voorkomen dat we van nature even goed realisten (in de Middeleeuwse zin) zijn als nominalisten (anders gezegd realisten in de huidige zin van het woord). Ik maak het daaruit op dat ik me vaak een idee van bepaalde streken en landen maak die niet door hun concrete werkelijkheid worden bepaald, maar door de adjectieven die aan hun namen worden toegevoegd. En bij adjectieven zit je al in de buurt van algemene begrippen. Dus eerst de algemene begrippen (de universalia), dan de concrete werkelijkheid (de res), die er maar al te vaak mee contrasteert. Spannend contrast trouwens. Lees verder »

Leve de zachtaardigen!

26 jun, 2011 Onderdeel van pensées 

Column door Caspar Visser ’t Hooft

Een politicus van wie iemand zoals ik, die al jaren in het buitenland woont, zich met verbijstering afvraagt: ‘waar komt zo’n individu vandaan?’ – heeft onlangs gezegd: ‘Het is soms de bedoeling grof en denigrerend te zijn. Dat moet kunnen’. Dat een aanzienlijk deel van het Nederlandse volk deze politicus zo niet aanhangt dan wel laf gedoogt, is een teken dat Nederland verloedert. Een van de meest welvarende landen van de hele wereld – ja, verloedert. Lees verder »

Boek in de boom

13 jun, 2011 Onderdeel van plaisanteries 

Column door Michael Berg

Vanochtend vloog mijn boek de boom in. Nee, dit is niet de eerste zin van een roman en ook geen sprookje. Het zit zo. We hebben twee computers. Mijn vrouw heeft een laptop – met internet – die in de woonkeuken staat. Mijn computer staat in mijn werkkamer op de eerste verdieping en heeft geen internet, omdat ik tijdens het schrijven al genoeg word afgeleid.

’s Ochtends ben ik er meestal als eerste uit. Koffie zetten, ommetje met de hond en katten, en daarna het internet op voor de kranten en de post. Vaak neem ik van boven een usb-stick mee met een kopie van het boek waaraan ik werk om, na een tweede kop koffie, alvast te beginnen met schrijven. En zo ging het vanochtend ook. De beesten hadden hun wandelingetje gehad, ik scande de kranten, beantwoordde de mail en mijn tweede kopje was leeg. Toen ik een nieuwe had ingeschonken en verder wilde gaan met mijn boek, zag ik dat de usb-stick die ik op tafel naast de laptop had gelegd was verdwenen. Door het raam zag ik hoe drie katten vrolijk achter elkaar aan de notenboom in klommen. Mét de usb-stick. Eigen schuld. Ik had al eerder gemerkt dat het touwtje aan de usb-stick een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefende op de katten. Maar nu stond de keukendeur open. Zomer. De smiechten, die mijn dagelijkse routine van haver tot gort kennen, hadden gewacht tot ik mijn derde kopje ging halen om vervolgens toe te slaan.

Lees verder »