De kardinaal in zijn kooi
5 dec, 2024 Onderdeel van prosesColumn door Caspar Visser ’t Hooft
Vier lange zomers brachten wij achtereenvolgens door in de Dordogne. Dat was midden in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Die eerste zomer was ik twaalf. Ik weet dat zo precies omdat ik mezelf nog zie zitten op onze buiten-wc (een houten hok boven een afgrond), terwijl ik in gedachten middelbare scholieren napraat wanneer ze het over hun dagprogramma hebben: eerste uur Duits, tweede uur Wiskunde, na de pauze Engels, daarna Scheikunde enzovoort. Wat vond ik dat stoer, en wat verheugde ik me op de spoedige overgang van de lagere school – met elke dag eenzelfde meester of juf – naar de brugklas! Wat me minder helder voor de geest staat, zijn de routes die we namen, heen vanuit, en terug naar Nederland. Het moeten verschillende routes zijn geweest, want zo waren mijn ouders: ze wilden van de reis profiteren om telkens, onderweg, andere dingen te zien. En toch komt het me voor dat er vaste punten waren, en dat daar deze route elkaar kruisten. Waarom zou ik anders zo meteen aan het stadje Loches denken wanneer ik die reizen van een halve eeuw geleden memoreer? Het moet vaker dan één enkele maal zijn geweest dat we daar, vanuit de verte, de hoge donjon van het bijbehorende kasteel zagen oprijzen. Het moet ook vaker dan één enkele maal zijn geweest dat mijn vader dan het verhaal vertelde van de kardinaal die daar in een kooi gevangen had gezeten. Anders zou het me heus niet zo helder zijn bijgebleven.
Lees verder »






