1

Place d’Armes

30 jan, 2014 Onderdeel van paysages 

Column door Rosemarijn Milo

Verkijk je er niet op. Als je zo langzamerhand bijna zeven jaar in Frankrijk woont is het nieuwe er een beetje af en de nieuwsgierigheid af en toe ook. Om vooral dat laatste op peil te houden moet je prikkelende dingen ondernemen. Yves en ik namen daarom deel aan een avondwandeling in een prachtig verlicht en herfstig Metz. Dankzij een buitengewoon inspirerende gids kwamen we veel nieuws aan de weet, terwijl we dingen die we toch al ettelijke malen hadden gezien voor het eerst ‘zagen’. Neem nu, bij voorbeeld, de Place d’Armes in het hartje van de stad, omzoomd door een van de lange kanten van de kathedraal aan de ene en het Hôtel de Ville aan de andere kant. De geschiedenis van dit plein is een uitgebreide studie waard maar ik bied je er een paar hoogtepunten van aan. Lees verder »

Betoverde bronnen

21 jan, 2014 Onderdeel van paysages 

Column door Caspar Visser ’t Hooft

Op één dag doe ik drie ruïnes. Ze liggen alle drie in het zuiden van de Drôme. Als je ze op de kaart met een potloodstreep met elkaar verbindt, dan vormt die streep een dak boven het stadje Grignan. De prieuré du Val des Nymphes en de bouwval van het kasteel van Condorcet bevinden zich op dezelfde breedtegraad als Grignan, ten westen en ten oosten ervan, de ruïne van de prieuré van Alayrac vormt de punt van het dak en ligt recht boven Grignan, een tiental kilometers noordelijker. De romaanse kapel van de Val des Nymphes wordt slecht aangekondigd. Je rijdt er voor je het weet voorbij. Je moet op de smalle weg een plek zien te vinden waar je kunt draaien, en dan maar zien of je terugrijdend het bordje opmerkt. Met de prieuré (kloosterkerk) van Alayrac precies hetzelfde. Maar dat is en blijft Frankrijk: er zijn zoveel mooie, oude dingen dat je niet van alles afgelikte, commerciële attracties kunt maken met glossy borden langs de weg. Lees verder »

Holle pad

8 jan, 2014 Onderdeel van poésies 

Ineke Holzhaus brengt een groot deel van het jaar door in de Berry. Ze is schrijver en theatermaker; acteerde, schreef en regisseerde bij diverse theatergezelschappen, maakte hoorspel voor radio en de HoorSpelFabriek en publiceert gedichten. Sinds jaren presenteert ze The Maastricht International Poetry Nights. In de OBA in Amsterdam leidt ze het poëzieprogramma, Poëzie op zondag. In 2008 debuteerde ze met de dichtbundel Hond in Pompeï. De meest recente bundel, Waar je was, werd in 2011 door uitgeverij Azul Press gepubliceerd. In april dit jaar zal bij Azul Press een nieuwe bundel verschijnen. De titel luidt Bovengronds. Dit gedicht staat erin. Lees verder »

Oud en nieuw

3 jan, 2014 Onderdeel van poésies 

Mensje van Keulen heeft een omvangrijk œuvre opgebouwd, meerdere literaire prijzen gewonnen, kortom een bekende naam in literair Nederland. In haar roman De gelukkige (Atlas-Contact 2001) beschrijft ze een dorp in Frankrijk. Dit gelegenheids-gedicht heeft ze geschreven in verband met de jaarwisseling. Een en ander is herkenbaar! Lees verder »

Met Louis Couperus flaneren in Nice

30 dec, 2013 Onderdeel van proses 

Column door Karin Peterson

‘Als ik iets ben, ben ik een Hagenaar’ Het is misschien wel Couperus’ bekendste liefdesverklaring aan Den Haag, de stad die als decor diende voor een aantal van zijn beroemdste romans. Hij zal het ongetwijfeld gemeend hebben, maar toch zat er een diffuus kantje aan de liefde voor de hofstad, want in werkelijkheid verbleef Couperus er maar zelden.

Afkomstig uit een roemrucht en bemiddeld geslacht van Nederlands-Indische bestuursambtenaren kende hij de benauwende atmosfeer van de negentiende-eeuwse gegoede burgerij met hun achterklap, hypocrisie en verveling als geen ander. Hij gaf die sfeer schitterend weer in zijn ‘Haagse romans’. De schrijver had ruimte nodig; wilde inspiratie opdoen in oorden, ver weg van de hofstad. Nadat hij nationale roem had geoogst met Eline Vere vertrok hij in 1890 dan ook spoorslags naar Parijs, de stad van ongekende mogelijkheden waar hij tal van literaire en anderszins artistieke bloedbroeders zou kunnen treffen (zie de bijdrage van Adriaan van Dis). In 1891 keerde hij al weer teleurgesteld terug in Den Haag. Wat een mooie droom had geleken, was een desillusie geworden. Couperus huwt zijn nicht Elisabeth Baud en gaat een reizend bestaan leiden.

Wanneer het echtpaar in 1899 Nice aandoet, zijn ze beiden op slag betoverd. Allebei getogen in het tropische Indië, beviel het leven in het winderige en te koude Nederland beiden maar matig. Ze voelden zich al snel herboren aan de Middellandse Zee waar rond 1900 de leden van de Europese vorstenhuizen tijdens het winterseizoen neerstreken. Couperus die enige decadentie wel kon waarderen, besloot er te gaan wonen. Het waren bijzondere jaren, waarin hij zijn beste boeken schreef, volop van het beroemde carnaval genoot en samen met zijn vrouw een pension runde. Een impressie….. Lees verder »