Beeldenstorm
7 sep, 2017 Onderdeel van paysagesColumn door Caspar Visser ’t Hooft
De protestantse gemeenten van Lille en Dunkerque organiseren elk jaar, op de laatste zondag van augustus, een hagenpreek. In de Westhoek, dat is de streek die zich tussen die twee steden uitstrekt, oftewel Frans-Vlaanderen. Zoals de naam het zegt, deze preken worden gehouden in de buitenlucht – weliswaar niet naast, voor of achter een haag, al zijn er hagen genoeg in de omgeving, maar op de steile houten trap die naar de ingang van een molen leidt. Deze molen is te vinden in een wei tussen de stadjes Wormhout (uitgesproken Wormoet) en Cassel. De molen heet de moulin deschodt. Ja, we zijn in Frankrijk, maar de namen zijn Vlaams: deschodt… Weten jullie hoe de vleesragout heet die zo typisch is voor deze streek? Potjevleesch (uitgesproken potchevlesch). Ook het landschap, plat met hier en daar een bolle heuvel met een dorp erop, het heeft iets breugheliaans. Eind augustus-begin september is de beste periode, de velden zijn gemaaid en op de stoppels liggen de balen goud te glimmen. Hoog in de ijle, diepblauwe lucht, piept een leeuwerik. Het was in dit vergulde seizoen dat hier, in deze streek – precies deze streek – de beeldenstorm begon. Dat was in 1566. Ja, hier in Cassel, Steenvoorde, Poperinge, Hondschoote, Wormhout – Vlaamse stadjes, nu Frans. Misschien stond hij daar, op de trap van de moulin deschodt, de beruchte prediker Sebastiaan Matte, toen hij zijn toehoorders tot het afbreken van de stenen heiligenbeelden in de naburige kerken en kloosters aanvuurde? O nee, het was in Steenvoorde. Ook daar staat een molen… Lees verder »






