1

Een sprookje voor in zware tijden

20 aug, 2020 Onderdeel van politiques 

Column door Caspar Visser ‘t Hooft

Er wordt wel eens gezegd dat in perioden van voorspoed de mensen graag griezelen bij het horen van akelig nieuws, maar dat men in rampzalige tijden weer behoefte krijgt aan goede tijdingen, aan positieve verhalen. Ik heb zo de indruk dat de tijd van voorspoed zoals we die sinds de oorlog hebben gekend nu toch echt achter de rug ligt. Pandemieën, natuurrampen, oorlogsdreiging – het ziet er allemaal niet rooskleurig uit, in de wereld van nu. Laten we ons daarom weer eens troosten met een mooi, waargebeurd verhaal: niet alles is rot. Welk verhaal? Het verhaal van een caissière en haar dakloze vriend die bij de loterij een miljoen Euro wonnen. O, wat is daar zo bijzonder aan? En zo mooi? De loterij is toch niets anders dan een manier om arme mensen zoet te houden, opium voor het volk: zolang voor hen een kans – minieme kans – bestaat opeens, zomaar, rijk te worden, zullen ze niet in opstand komen, zullen ze zich niet mobiliseren met het oog op een rechtvaardiger samenleving. Het gegeven kansspel maakt daarom deel uit van een verrot systeem. ‘t Kan zijn, maar geen systeem is zo onzalig dat daarbinnen op individueel niveau geen mooie dingen kunnen gebeuren – dingen die ons, ondanks alles, weer met de mensheid verzoenen. Ik denk aan die caissière en haar vriend, aan wie ze waren, wat ze met hun miljoen deden…

Lees verder »

Het water blijft vloeien

27 jul, 2020 Onderdeel van proses 

Column door Caspar Visser ’t Hooft

De kapel van Brouls wordt door oude lindebomen omringd, vandaar dat je hem vanuit het domein van mijn vrienden niet kunt zien. Wel de bomen. Brouls: een bestemming voor een wandeling, na een uitgebreid zondagsdéjeuner bijvoorbeeld. Twintig minuten lopen, langzaam heuvelopwaarts, een stuk door weilanden, een stuk over een smalle geasfalteerde weg, dan een hol laantje dat naar het hek leidt. Het uitzicht vanaf het terrein rondom de kapel is adembenemend. Bij mooi weer kijk je uit op het wijde panorama van de Franse Pyreneeën: een decor van coulissen die vlak achter elkaar zijn opgesteld, eerst groen-golvende heuvels, daarachter – en hoger – donkerblauwe partijen, daarachter muren van steen, en helemaal boven stukken wit. In de kapel van Brouls werd vroeger elke week een mis gevierd, nu niet meer. De kapel zou voorgoed in onbruik zijn geraakt wanneer men zich niet had herinnerd – dat was een paar jaar geleden – dat er lang geleden een lokale heilige werd vereerd. En wanneer men niet had gedacht: wat jammer wanneer deze aloude traditie voorgoed in de vergetelheid zou raken! Reden voor een paar ondernemende mensen om een vereniging op te richten die over het onderhoud van de kapel waakt en die zich belast met het organiseren van een jaarlijkse ceremonie ter ere van de betreffende heilige. Dit alles los van het programma van de lokale kerkgemeenschap. De plaatselijke pastoor bedient een parochie die uit zo’n twintig kerken bestaat (vroeger had elke ervan een eigen herder), zo’n kapel erbij, dat hoefde niet van hem. De jaarlijkse viering in Brouls moet het daarom met een hoogbejaarde priester doen die de mensen van de vereniging ergens hebben weten op te scharrelen. Ik was er een keer bij, een feestelijk gebeuren, kleurrijk, folkloristisch, maar om nu te zeggen erg christelijk-vroom – nee, niet bepaald.

Lees verder »

Verzetsstrijders

30 jun, 2020 Onderdeel van plaisanteries 

Column door Peter Hagtingius

Het was nog voor de déconfinement toen het eco-vriendelijke alarm van de vierpotigen afging. In verband met het huisarrest verbleef ik in een boek verdiept op mijn tuinterras. De honden waarschuwden dat er iemand aan kwam. Dat is vrij ongebruikelijk, ook (en vooral) volgens La Poste woon ik in een minder herbergzaam deel van het gemeentelijk grondgebied waaraan ook zo’n tomtommetje z’n digitale kompasvingers liever niet brandt. Met name als ik een beroep doe op de sectie pakketbezorging van La Poste word ik kennelijk met graagte geparkeerd op de opsporingslijst van zoekgeraakte personen. Waarna het recherchewerk toch al gauw enige weken vergt. Als je je er als ervaringsdeskundige op instelt, lijdt je gemoedsrust er niet onder. “Vous êtes en France, monsieur”, ik weet het.

Lees verder »

Versailles-en-Bretagne

15 jun, 2020 Onderdeel van paysages 

Column door Caspar Visser ‘t Hooft

In Versailles nodigt de burgemeester op bepaalde herdenkingsdagen – bijvoorbeeld de 8e mei (overwinning 1945) en de 11e november (wapenstilstand 1918) – de civiele, militaire, rechterlijke en godsdienstige autoriteiten uit tot het bijwonen van een mis. Wanneer ik me daarover verbaas – “Hoe kan dat, in Frankrijk, hét land van de laicité ?” – dan trekken de mensen hun schouders op : “Ah ! ça, c’est Versailles…” Ja, dat is Versailles, en dat is alléén Versailles, want iedereen weet hoezeer in het Franse verleden de Rooms Katholieke Kerk en de voorstanders van een scheiding tussen Kerk en staat met getrokken messen  tegenover elkaar stonden. Het ging daarbij vooral om de invloed van de Kerk op het onderwijs. Het principe van de laicité (de neutraliteit van de staat op godsdienstig gebied) heeft uiteindelijk gezegevierd, maar dat hier bij de Fransen een grote gevoeligheid ligt, dat is niet zo lang geleden nog eens overduidelijk gebleken. Dat was toen in 1994 maar liefst een miljoen mensen in Parijs de straat opgingen om te protesteren tegen een hervorming van de zogenaamde wet Falloux, een hervorming die de mogelijkheid tot het subsidiëren van het katholieke privéonderwijs door de lokale overheden wilde versoepelen. 

Lees verder »

Fernande

1 jun, 2020 Onderdeel van proses 

Column door Caspar Visser ‘t Hooft

Fernande woonde met haar ongetrouwde broer Victor in een klein huis aan de overkant van een dal dat stijl afliep. Mijn optrekje – een kleine boerderij vlak aan de weg – keek erop uit. Het dorp lag op 800 meter hoogte, op een richel, het had de vorm van een croissant. Een donker bosmassief vormde een 400 meter hoog scherm. In de holte, beneden, graasden vroeger schapen, nu woekerden er bramen. Het dorp telde door het jaar heen achttien permanente bewoners. In de zomer meer, dat was vanwege de paar ‘tweede huisjes’ (waaronder het mijne). Toen Fernande jong was, in de jaren ’30 van de twintigste eeuw, beschikte het dorp over twee cafés en zelfs een hotel. Het bevolkingsaantal was minstens tienmaal zo groot als nu. Er waren zo’n twintig boerenbedrijfjes. Er was er nog maar één over. De tachtigjarige Fernande had haar dorp leeg zien lopen, het was het drama van haar leven.

Lees verder »