1

Wie wreed is voor dieren…

13 dec, 2025 Onderdeel van politiques

Column door Caspar Visser ‘t Hooft

Monsieur Grub was al een eind over de tachtig. Zijn exploitatie had hij aan een ander overgedaan, hij was er te oud voor. Monsieur Grub had een flinke veestapel Zwitserse melkkoeien die hij speciaal uit zijn geboortedorp in het kanton Bern had laten overkomen. Ze hadden in de vruchtbare vallei van de Garonne goed kunnen aarden, op de markt van Agen vond de ‘Zwitserse’ kaas van Monsieur Grub gretig aftrek. Goed, maar dat was nu verleden tijd. Met zijn vrouw woonde Monsieur Grub nog steeds op de boerenhoeve, maar het land eromheen was van een ander. Op het voorhof liepen kippen rond, er was een hond, er waren poezen en er was één oude koe. Die had Monsieur Grub gehouden. Hij had voor haar de schuur in een stal omgebouwd. Wanneer ik bij Monsieur Grub op bezoek kwam, liepen we altijd even naar de koe toe. Kwade tongen beweren dat bij boeren weinig dierenliefde is te vinden, dat ze hun dieren enkel als investering zien. De manier waarop Monsieur Grub zijn oude koe over de kop aaide bewees het tegendeel. Wanneer van overheidswege een hele veestapel, koeien en kalfjes, moet worden afgemaakt, omdat bij een van de dieren een huidziekte is ontdekt – ja, wat een drama voor de boer! In het Frankrijk van president Macron hebben de boeren het hard te verduren. Te hard, de sanitaire maatregelen zijn absurd, want excessief.

Bij de boer

Ik heb op meerdere plaatsen in Frankrijk gewoond, en waar of het ook was, ik kwam altijd graag bij boeren op bezoek. In Picardië, in Lotharingen, in de Sud-Ouest – het ritueel was altijd hetzelfde. Monsieur en Madame ontvangen je in de keuken, rondom een tafel overdekt met plastic. ‘s Morgens, ’s middags, het maakt niet uit, er wordt een fles tevoorschijn gehaald, je krijgt een glaasje voorgezet, even proosten met Monsieur: “Santé!” Madame kijkt toe, doet niet mee – maar praat voor twee. Dan volgt een toer over het terrein, het voorerf, de schuren, de stallen, de kassen – en wanneer je dan samen met Monsieur weer de warme keuken binnenstapt, stopt Madame je een kartonnen doos met eieren toe. Soms met wat groente, aardappelen of knoflook erbij. Je gaat nooit met lege handen weg. Een Frankrijk zonder boeren kan ik me niet voorstellen. En wat zou het Franse landschap zijn zonder de boerenbedrijven? Hoe lang nog?

Drama

De nodulaire dermatose is een ziekte die bij koeien een huiduitslag veroorzaakt. Er is tien procent kans dat ze eraan sterven, meestal gaat de ziekte na een tijdje vanzelf over. De ziekte is besmettelijk, maar niet voor mensen. De maatregelen die de Franse regering heeft getroffen – in overeenstemming met een bindend Brussels reglement – zijn excessief. Wanneer in een kudde gezonde koeien één aan nodulaire dermatose lijdt, moet de hele kudde worden geëlimineerd. Meerdere boeren hebben de laatste weken van de ene dag op de andere hun hele veestapel zien uitroeien. Reactie bleef om te beginnen uit – kwam pas vorige week op gang. Toen de kudde van tachtig koeien van een boer in het departement van de Doubs aan de beurt was, kwamen uit de wijde omgeving mensen samen om het sanitaire personeel dat de ‘euthanasie’ moest uitvoeren de toegang tot de stal te beletten. De politie moest eraan te pas komen, in groten getale, om de actievoerders het veld te doen ruimen. Deze week was een bedrijf met tweehonderd koeien, prachtige dieren van het ras ‘blonde d’Aquitaine’, de klos: één zieke koe – de hele kudde moest dood. Ja, en dat terwijl de andere koeien waren gevaccineerd! Ja maar, tussen de datum van de vaccinatie en de geldigheid ervan moeten drie weken zitten… De verontwaardiging bij de boeren, en bij anderen, heeft intussen een kookpunt bereikt. Op hun tractoren kwamen ze toegestroomd. De wegen rondom het dorp Bordes-sur-Arize, in de Ariège, werden versperd, bomen langs de weg werden daarvoor omgezaagd. Ze waren met zeshonderd. De gendarmerie, die niet lang op zich liet wachten, bestond uit maar liefst driehonderd man. Ze hadden vanwege de versperringen de grootste moeite de boerderij te bereiken, zelfs met de twee zware tanks (van het type Centaur) waarover ze beschikten. De avond viel, nog was niets beslist – en toen was daar plotseling een… ronken, een ronken dat aanzwol. Apocalypse now: helikopters! Ze lieten de ene traangasbom na de andere vallen, rook overal, net een veldslag zeiden de getuigen – en zeggen de beelden. En toen was het afgelopen. De dieren, gezonde koeien, en kalfjes, kregen de volgende morgen hun lethale prik. En de boer? Zo’n kudde is het resultaat van tientallen jaren zorg en arbeid. Hij was zo loyaal geweest de dierenarts erbij te roepen toen hij merkte dat een van zijn koeien koorts had. En de dierenarts had de helse machine in werking gezet. De koeien waren gevaccineerd – ja, maar het reglement zegt… Zeven gendarmes hebben gedurende de actie hun helmen, knuppels en schilden neergelegd, ze konden het handelen dat van hen werd verwacht niet met hun geweten overeen brengen. Dat heet consequent zijn! Het protest breidt zich over heel Frankrijk uit…

Een andere tijd

Natuurlijk moet een ziekte worden bestreden, daar zijn de boeren het allemaal over eens. Maar vanwege één zieke koe (met een stervenskans van een op tien) een hele kudde gezonde, en bovendien gevaccineerde, koeien afmaken!… Jaren geleden bracht ik met mijn moeder een bezoek aan Jantje in haar huisje in Deil. Ze was keukenmeisje geweest bij mijn grootouders, het contact was bewaard. Jantje was na haar dienst in de familie getrouwd met een boerenknecht, Barend. Hem had ik als kleine jongen ook nog meegemaakt. Ik was een beetje bang voor hem. Ik had godverdomme gezegd en hij had me boos aangekeken: Da’ maghe nie’ zeghe! Goed, Barend was er niet meer, Jantje wel, en hoe we erop kwamen weet ik niet, maar ze begon over haar jeugd. Haar ouders hadden vijftien kinderen gehad, ze waren arm en leefden van de bedeling. Zo arm zelfs dat ze op een zekere nacht een dode koe hadden opgegraven. Hij had al een etmaal onder de grond gelegen. De boer had hem afgemaakt omdat hij aan mond-en-klauwzeer leed. Jantje en haar veertien broers en zusters hadden zich aan het gebraden vlees tegoed gedaan – een feestmaal! “Hadden jullie er iets van gekregen?” “Nee, helemaal niets.” Een andere tijd!

Wat zei Kant? Ja, ‘wie wreed is voor dieren, wordt ook hard in zijn omgang met mensen’. En de ergste soort wreedheid, is de geïnstitutionaliseerde wreedheid van kille technocraten achter bureaus, de wreedheid van cijfers, tabellen, ratio’s. De wreedheid van een president die zijn falen in alle opzichten overschreeuwt door zich hard op te stellen. Hard tegen de boeren – maar in bepaalde zones rondom de grote steden blijven we weg. Die zijn door de narcocriminaliteit te gevaarlijk geworden. Zelfs voor het wettelijke gezag.